










|
 |
| Evaluatie natuur- en bosbeleid
|
Beschrijving
|
 |
Op 4 juli 2008 heeft minister Crevits aan de Vlaamse Regering een mededeling gedaan met als onderwerp : "Evaluatie van het natuur -en bosbeleid - stand van zaken - verdere procesvoering".
De studie onderzoekt of er op basis van de beschikbare gegevens, argumenten kunnen geformuleerd worden ter ondersteuning van keuzes betreffende de wenselijke evolutie van de combinaties (mix) aan beschikbare en mogelijke financiële instrumenten in het natuur- en bosbeleid.
De bedoeling is een evaluatie op te bouwen om voor de toekomst suggesties te leveren voor het te voeren beleid.
De basis voor deze evaluatie is een zo objectief als mogelijk analyseren van 57 bestaande financiële instrumenten. Uit het overzicht van die instrumenten valt op dat er 44 zijn die elk minder dan 1% van de middelen, samen slechts 15%, bedragen.
De ondersteuning van het privé bos bedraagt slechts 3,5% van de totale besteding van 57 miljoen € per jaar. De rest gaat naar de overheid, natuurverenigingen en landbouw.
Concreet worden er zes types van activiteiten onderzocht, waarvan wij er hier vier bespreken:
1. Het beschikbaar maken van gebieden (aankoop, huur, perceelruil, onteigening en voorkooprecht) bedraagt gemiddeld 31 miljoen € zijnde 55% van de totale gemiddelde jaarlijkse besteding.Vraag is in hoeverre de doelen per verwervingsactie onderbouwd en transparant zijn. Beantwoorden zij aan criteria als "zeer kwetsbaar gebied" alleen te behouden en te ontwikkelen mits verwerving ?
Voor het beschikbaar maken van gebieden stellen wij voor zich te concentreren op verwerving van die gebieden waar natuurbehoud en - ontwikkeling slechts kan mits beschikbaarheid.
Aankoop van terreinen ter compensatie van verdwijnende bos en natuur en voor bosuitbreiding is eveneens verantwoord.
De erfdienstbaarheden zijn beperkingen, o.a. in VEN, SBZ, overstroming- en oeverzones, nulbemesting, die moeten vergoed worden met een coherente economische berekening, die rekening houdt met de eigenaar en gebruiker, alsook met de onderlinge verhouding en de duur ervan (bv. pacht). Deze vergoeding zal veel goedkoper uitvallen voor de overheid in vergelijking met de verwerving, des te meer indien men rekening houdt met het daaropvolgend beheer.
De instrumenten moeten beter gericht zijn, niet alleen op bosbouw doch eveneens op privé natuurbeheer.
2.De functie "Inrichting en omvorming" bedraagt 7,7 milj €/jaar, waarvan 1,4 milj. €
voor ANB gebouwenbeheer en 4,1 milj. € inrichting in eigen domeinen. De overige 2,5 milj. € zijn verdeeld over de natuurinrichtingsprojecten. Voor deze functie is ANB veruit de grootste consument, gevolgd door de natuurinrichtingsprojecten van de overheid. Onderzocht dient in hoever "(privé) natuurverenigingen", bosgroepen en WBE's zinvol projecten kunnen indienen en projectovereenkomsten kunnen afsluiten met eventueel de medewerking van INBO.
3.Onder "recurrent - beheer" wordt verstaan : behoud, herstel en ontwikkeling van natuurwaarde. Van de middelen (11,4 milj €). gaan 44% naar landbouw, 30% naar beheer in ANB domeinen, 17,5% naar beheer in natuurreservaten en 8% naar bos, inclusief bosreservaten en bebossing van landbouwgronden.
Uit deze vergelijking blijkt bovendien dat de subsidie voor het ecologisch beheer in bos zeer beperkt is t.o.v. recurrent beheer in landbouw en reservaten.
Deze functie biedt dus voor meer dan 90.000 ha privé bos weinig perspectief. Niet omdat de belangstelling bij de privé bosbeheerders er niet zou zijn, doch omdat het instrumentenpakket voor bos onvolledig is. Een geactiveerde subsidiëring voor recurrent natuurgericht beheer in bos kan immers worden verantwoord
Een cluster van reeds bestaande instrumenten kan op een verantwoorde en billijke wijze het natuur - en bosbeheer in deze meestal multifunctionele context met de medewerking van privé eigenaars en gebruikers effectief en efficiënt (qua kosten) ondersteunen en tevens het draagvlak voor bos en natuur aanzienlijk uitbreiden.
4.Voor vorming, planning en monitoring werd 877 817,- € gemiddeld aan terreinbeherende verenigingen toegekend, 393 057,- € aan ANB en 409. 373,- € voor planning alleen, in privé bos. Nochtans is monitoring aansluitend op het uitgebreid bosbeheerplan (UBHP) nodig. Het UBHP moet bovendien in een meer begrijpbaar concept, en tevens meer productiegericht, worden ingezet. De subsidiering voor het opstellen ervan moet aan de versnipperinggraad van het project aangepast worden.
Kennisbeheer en - gebruik moet op een billijke wijze worden verdeeld ter opvolging van alle beheersactiviteiten, dus niet alleen ten behoeve van de eigen domeinen en reservaten, maar ook voor de bossen beheerd conform een UBHP en privé natuurbeheer.
Dat geen beter gebruik gemaakt wordt van het potentieel van gemotiveerd privé beheer valt te betreuren. (Of is het de bedoeling de privé bosbeheerder zo weinig mogelijk te ondersteunen om verwerving te vergemakkelijken ?). Dit is de kern van de zaak ! In hoever wil de overheid de middelen besteden aan eigen beheer of aan ondersteunen van privé beheer? Tot nu toe spreken de cijfers voor zich, met alle daaropvolgende gevolgen wat betreft de geloofwaardigheid van het gevoerde beleid.
Naast een cluster eigen beheer door de overheid en een cluster beheer door natuurverenigingen zou een apart cluster "privé bos en natuurbeheer" moeten ontwikkeld worden. Het juiste evenwicht tussen de financiële middelen voor elke cluster dient gevonden te worden.
Privé beheer moet worden ondersteund o.a. door vergoedingen voor erfdienstbaarheden en door specifieke instrumenten.
Indien men de resultaten tegenover de geldende operationele doelen als eerder bescheiden bestempelt in verhouding tot de algemene doelstelling, nl. verlies van biodiversiteit tegengaan, wordt het hoog tijd het privé bos - en natuurbeheer in te schakelen.
Het concept van geďntegreerde beheerplannen is van groot belang, deels ook voor privé natuur, die tot nu toe niet aan bod komt en geen enkel specifiek instrument krijgt, en aldus weinig aantrekkelijk is. In buurlanden is men daar veel actiever (bv. Nederland) mee bezig.
Tevens kunnen de gewenste instrumenten zoveel mogelijk reeds gefocust worden op de instandhoudingdoelstellingen voor SBZ. Een uitdaging voor natuurbehoud en -ontwikkeling in Vlaanderen moet zijn : zoveel mogelijk de rechtsonderhorigen te motiveren om de ecologische functie in een duurzaam multifunctioneel beheer in te schakelen. Hoe zullen wij anders de ons door Europa opgelegde instandhoudingdoelstellingen en herstel in biodiversiteit realiseren?
Ten slotte zou het wenselijk zijn dat het beleid de beheerde oppervlaktes natuur en bos per type beheerder zou indelen (overheid, natuurverenigingen, privé), het ecologisch gewicht van de verschillende oppervlaktes zou bepalen alsook de essentiële verantwoorde verwervingen om zo de beschikbare financiële middelen billijk te verdelen over die beheertypes en dit voor het geheel der functies.
De evaluatienota is een uitgebreid en uitmuntend document dat nog kan aangevuld worden met bijkomende studies. Het is duidelijk dat de mogelijke kansen voor privé beheer weinig benut worden in verhouding met het eigen beheer van de overheid, maar dit is een politieke keuze. Land- en boseigenaars zijn zeker bereid een cluster privé beheer verder te ontwikkelen.
Onderstaand vindt u het uitgebreide standpunt van Landelijk Vlaanderen terug over deze nota. De volledige studie, alle info en adviezen, o.a. met enkele baanbrekende ideeën van onze collega's van de Federatie Particulier Grondbezit in Nederland, vindt u eveneens onderstaand terug. Gewoon even doorklikken op de link.
Het loont de moeite om alles even rustig na te lezen.
Deze tekst werd opgesteld op basis van een studienota van Jan Spaas over de hierboven vermelde mededeling aan de Vlaamse Regering. Inmiddels hebben ook de Vlaamse Hoge Bosraad en de minaraad een omstandig advies uitgebracht over deze nota.
Philippe Casier,
Voorzitter Landelijk Vlaanderen
|
| Wetgeving
|
de boswetgeving.
wetgeving ivm. natuurdecreet.
|
|
Bibliografie |
Publicaties
Het rapport 'Evaluatie van het Natuur- en bosbeleid
Een evaluatiedocument in uitvoering van het regeerakkoord, 2 juli 2008
Het standpunt van Landelijk Vlaanderen
Tekst verschenen in de Landeigenaar in Vlaanderen, nr 41, oktober 2008.
Het advies van de Vlaamse Hoge Bosraad
Advies Vlaamse Hoge Bosraad in raadszitting van 17 oktober 2008
Advies van de Minaraad
De visie van de Nederlands voorzitter, dhr J. Helder, Federatie Particulier Grondbezit, over privaat natuurbeheer
Tekst verschenen in de Landeigenaar, nummer 4, 2008, ledenblad van de Federatie Particuleer Grondbezit, Nederland.
Nederlandse beschouwingen over particulier natuurbeheer, de LADDER VOOR NATUURREALISATIE
Tekst verschenen in de Landeigenaar, nummer 4, 2008, ledenblad van de Federatie Particuleer Grondbezit, Nederland.
Links :
Minaraad
|
 |
|
 |