Europese
richtlijnen voor natuurbehoud
Aan de basis van het Natura 2000 Netwerk in de Europese Unie liggen
twee richtlijnen :
Vogelrichtlijn:
richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van
de vogelstand
Habitatrichtlijn:
richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de
instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna
Kernbegrippen
van de Habitatrichtlijn
De Habitatrichtlijn heeft tot doel :
- bij te dragen tot het waarborgen van de biologische
diversiteit;
- door het
instandhouden van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna
op het Europese grondgebied van de Lidstaten waarop het Verdrag van
toepassing is.
De op grond van deze richtlijn genomen maatregelen
beogen
- de natuurlijke habitats en de wilde
dier- en plantensoorten...
- ...van communautair
(gemeenschappelijk of ieders) belang in een...
- ...gunstige
staat van instandhouding te behouden of te herstellen.
In de op grond van deze richtlijn genomen maatregelen wordt...
- ... rekening gehouden met de vereisten op economisch, sociaal
en cultureel gebied, en met de regionale en lokale
bijzonderheden
Aanwijzing
van speciale beschermingszones
Om
te komen tot beleid inzake speciale beschermingszones in uitvoering van
de Habitatrichtlijn, moet elke Lidstaat een lijst van gebieden
voorstellen, waarop staat aangegeven welke typen van relevante
natuurlijke habitats en soorten er voorkomen, en dit op grond van een
aantal criteria, opgesomd in bijlage III bij de Habitatrichtlijn. De
Commissie moet vervolgens op basis van een aantal criteria per
biogeografische regio een ontwerplijst van gebieden van communautair
belang uitwerken.
Na een consultatie met de Lidstaten kan de
Commissie deze lijst vaststellen.
Binnen de zes jaar na deze vaststelling is het terug aan de Lidstaten
om deze gebieden definitief aan te wijzen en er prioriteiten voor vast
te stellen.
Op het moment van de aanwijzing krijgt een gebied van communautair
belang een tweede leven als speciale beschermingszone in de strikte zin
van het woord.
Gevolgen
van de aanwijzing van een speciale beschermingszone
Deze
aanwijzing, en de bepaling van prioriteiten, gebeurt vanzelfsprekend
met het oog op concrete maatregelen. De grondslag voor de verplichting
tot het nemen van deze maatregelen wordt gelegd in art. 6 van de
Habitatrichtlijn:
- er is een plicht tot het nemen van positieve
beschermingsmaatregelen;
- een plicht tot het nemen van maatregelen die
verslechtering of verstoring tegengaan;
- een
plicht van voorafgaande passende beoordeling ("rekening houdend met de
instandhoudingsdoelstellingen van dat gebied") van projecten en plannen
die een significante verstoring kunnen betekenen voor het gebied ten
einde de acceptabiliteit van het project te beoordelen of desgevallend
deze effecten tegen te gaan;
- en er is een plicht tot
compenserende maatregelen indien er om bepaalde redenen hoe dan ook een
dergelijk project met significant negatieve effecten doorgevoerd
wordt.
|